Samen leren, sneller vernieuwen
#Infrastructuur
Bedrijven en studenten ontwikkelen producten en inzichten in de Ideeënfabriek
In de Achterhoek, in het Centrum Innovatie Voor Oost Nederland (CIVON) in Ulft, delen ogenschijnlijk verschillende bedrijven één werkplaats en één overtuiging: dat echte innovatie begint bij durven doen. Twee van die bedrijven zijn VanRaam (aangepaste fietsen) en Royal Kaak (bakkerijmachines). In de Ideeënfabriek werken zij met studenten van mbo tot universiteit aan prototypes, proefopstellingen en ideeën die in hun eigen fabriek zelden van de grond zouden komen.
Wie door de Ideeënfabriek loopt, hoort het meteen: het klinkt er als een werkplaats. Gelach, gezaag, en studenten die druk overleggen. Bijvoorbeeld met engineers van VanRaam en Royal Kaak. Hier, midden in het CIVON-gebouw, is ruimte om te doen wat in een normale productieomgeving vaak niet kan: vrijuit experimenteren.
“Binnen de fabriek is iedere minuut productietijd kostbaar,” zegt Jeroen van Dijk, R&D-engineer bij Royal Kaak. “In de Ideeënfabriek kunnen we knutselen, falen en leren. Daar draait het niet om een projectnummer of deadline, maar om nieuwsgierigheid.”
Ook Jeroen van den Bosch, creative lead bij Van Raam, herkent dat spanningsveld. “Innoveren vraagt soms dat je uit de hectiek van R&D stapt. Hier kunnen we letterlijk de tijd nemen om te kijken: wat als we het eens helemaal anders doen? Maar tegelijkertijd niet het normale productieproces verstoren met allerlei prototypes?”
Ruimte voor pre-development
Zowel VanRaam (aangepaste fietsen) als Royal Kaak (industriële bakkerijmachines) wilden hun innovatieproces verrijken met een fase van pre-development: een plek om ideeën te testen die nog te pril zijn voor R&D, maar te interessant om te laten liggen.
“De Ideeënfabriek is daarvoor ideaal,” vertelt Van den Bosch. “Je haalt projecten los van de dagelijkse productiecyclus. Zonder harde oplevermomenten kun je concepten verkennen, testen en weer loslaten. Dat is spannend. Je weet vooraf niet of er iets uitkomt. Maar het levert enorm veel op in kennis en snelheid verderop in het proces. En je kunt dure fouten later voorkomen.”
Bij Kaak was de behoefte vergelijkbaar. “Wij hadden nooit echt een fysieke ruimte om prototypes te bouwen,” zegt Van Dijk. “In onze productielocatie zit je altijd in de weg. Hier hebben we de vrijheid om kleine opstellingen te maken, iets uit te proberen, studenten erbij te betrekken. Het is echt een broedplaats geworden.”
Studenten als innovatieversneller
In de Ideeënfabriek werken mbo-, hbo- en wo-studenten door elkaar heen, aan uiteenlopende technische uitdagingen. Ze krijgen een concrete, maar open opdracht: onderzoek iets en kijk of onze aanname kan werken.“Studenten brengen de nieuwste kennis en een frisse blik mee,” zegt Van Dijk. “Ze zijn digitaal vaardig, denken snel, en hebben vaak geen last van de ‘zo doen we het altijd’-reflex. Wij leren daar minstens zoveel van als zij van ons.”
Van den Bosch vult aan: “Bij ons leren studenten vooral de praktijk van innovatie kennen: maak het, test het en leer ervan. Wij noemen dat return on learning. Falen mag en is onderdeel van het proces. Als je er maar iets van opsteekt. In de schoolcontext is dat nog best spannend, maar hier zien ze dat het gewoon onderdeel is van het proces.”
Van prototype tot product
De aanpak werpt zichtbaar vruchten af. VanRaam ontwikkelde in de Ideeënfabriek de Thuja-fiets, een nieuw type fiets voor mensen met evenwichtsproblematiek. “Zonder de Ideeënfabriek was deze er niet gekomen,” zegt Van den Bosch. “In de reguliere R&D zou dit concept als ‘niet passend bij Van Raam’ zijn beoordeeld. Hier konden we vrij denken met een sterke blik vanuit de eindgebruiker, zonder direct aan productie-efficiëntie te denken. Inmiddels heeft de Thuja (internationale) designprijzen gewonnen.”
Bij Royal Kaak ontstond in Ulft een reeks experimenten rond vacuümkoeling van brood, een technologie die het bakproces versnelt en energie bespaart. “We zijn gewoon begonnen met een omgebouwde plastic stolp en een klein vacuümpompje,” vertelt Van Dijk. “Binnen een week zagen we al effecten. Dat je zo snel iets tastbaars kunt testen, maakt het verschil. De kennis die we daar opdeden, gebruiken we nu in onze productontwikkeling.”
Elkaar versterken
Hoewel VanRaam en Kaak in totaal verschillende markten opereren – fietsen versus bakkerijmachines – blijken de raakvlakken verrassend groot. Beide bedrijven werken bijvoorbeeld met metalen frames, lassen en prototyping, en hebben vergelijkbare vragen over maatwerk en digitalisering.
“Bij de koffieautomaat ontstaan de beste ideeën,” zegt Van den Bosch. “Wij werken aan dynamische fietsframes, zij aan statische machineframes. En toch lopen we tegen hetzelfde aan: hoe kun je producten personaliseren zonder de hele productie overhoop te halen? Dat zijn we samen gaan onderzoeken. Daar leren we veel van elkaar.”
Volgens Van Dijk is juist dat multidisciplinaire karakter de kracht van de Ideeënfabriek. “Je ziet hoe een ander bedrijf een probleem aanpakt. Dat opent je eigen blik. En studenten bewegen daar vrij tussenin; die verbinden de werelden.”
Vertrouwen en cultuur
Een belangrijk fundament van de Ideeënfabriek is de Achterhoekse mentaliteit van nuchterheid en vertrouwen, benadrukt Van den Bosch. “Er wordt hier niet met Excelsheets gerekend wie hoeveel betaalt. Als iemand koffie meeneemt, prima. Als een ander stoelen regelt, ook goed. We doen het samen. Dat schept een sfeer waarin mensen durven te delen, elkaar helpen maar soms ook kennis uitwisselen die normaal vertrouwelijk blijft.”
Van Dijk vult aan: “Het werkt omdat mensen enthousiast zijn. Je hebt doeners nodig, geen praters. Mensen die iets willen bouwen, iets willen uitproberen. Als je die bij elkaar zet, gebeurt er vanzelf iets.”
Vooruitkijken
Beide bedrijven zien de Ideeënfabriek als een model voor de toekomst. Er liggen plannen om de werkplaats uit te breiden met een testfaciliteit voor grotere projecten en om meer bedrijven aan te laten haken. “De kracht zit in de diversiteit,” zegt Van den Bosch. “Hoe meer disciplines en bedrijven meedoen, hoe rijker het ecosysteem wordt.”
Van Dijk onderschrijft dat: “We willen het concept breder delen, want het werkt. Het laat zien dat samenwerking met onderwijs niet alleen maatschappelijk zinvol is, maar ook gewoon bedrijfseconomisch slim. Je ontwikkelt sneller, leert meer en houdt je organisatie scherp.”
De Ideeënfabriek in Ulft is dan ook meer dan een werkplaats. Van den Bosch: “Het is een mindset. Een plek waar bedrijven, studenten en docenten samen de vrijheid nemen om te falen, te leren en te vernieuwen. Zo geven we samen de maakindustrie van morgen vorm.”
CIVON is één van de publiek-private samenwerkingen binnen de High Impact Pps TechOost. Vijf pps'en in Oost-Nederland slaan de handen ineen om, samen met het onderwijs- en werkveld, een duurzame, technische arbeidsmarkt in Oost-Nederland te behouden. Dat doen ze door te investeren in kennisintensief en praktijkgericht opleiden met een focus op de rol van Industrie 5.0 en de energietransitie en circulariteit. De ideeënfabriek is een project van TechOost. De HIP wordt gefinancierd uit het opschalingsplan pps vanuit het Nationaal Groeifonds.